Stand van zaken rondom ABR in de Zorg

Graag stel ik u, na het Bestuurlijk Overleg Antibioticaresistentie van 23 juni 2016, langs deze weg op de hoogte van de stand van zaken rondom ABR in de Zorg.

Op 7 juli 2016 is door de minister van VWS een
voortgangsbrief ABR naar de Tweede Kamer gezonden. Deze brief biedt de focus voor de acties die de komende tijd worden ondernomen:
de ontwikkeling van de zorgnetwerken (via pilots), een plan van aanpak voor de surveillance en de bekostiging van deze zaken. Het vraagstuk van de governance komt nadrukkelijk in al deze onderwerpen terug. Over de toekomst van de WIP zal binnen afzienbare termijn een besluit worden genomen. 

Klankbordgroep en Bestuurlijk Overleg
We vinden het belangrijk dat u en uw medewerkers goed op de hoogte blijven van de voortgang van de pilots zorgnetwerken, de surveillance-acties en bekostiging. Vanaf 2017 zullen we drie keer per jaar een klankbordgroep inplannen. In de klankbordgroep zitten de organisaties op bureauniveau (lijkt sterk op het voormalige Bureauoverleg ABR Zorg). Het overleg wordt voorgezeten door Carola van den Brink (projectleider ABR in de Zorg). Het overleg dient er tevens voor om het Bestuurlijk Overleg, 1 á 2 keer per jaar, voor te bereiden.


Zorgnetwerken

In de voortgangsbrief zijn vijf pilots voor zorgnetwerken genoemd. Op dit moment bepalen we in samenspraak met hen, en samen met het LNAZ en de GGD GHOR NL, de opdracht voor de pilots.
Daarvoor gebruiken we de methode van een “group decision room” om dit te valideren. Ook spreken we met de andere vijf regio’s. Daarna wordt er gestart met de pilotfase (deze loopt in 2017 en 2018). Het functieprofiel zorgnetwerken, dat in het BO is goedgekeurd, biedt voor de ontwikkeling van de zorgnetwerken een belangrijke basis. Zodra de invulling van de pilotfase helder is, zullen we afwegen welke begeleidingsstructuur het meest passend is om de ontwikkelingen van de pilots te volgen en er van te leren, zodat alle zorgnetwerken van deze kennis gebruik kunnen maken. Het idee is dat gewerkt gaat worden met een kerngroep  zorgnetwerken, met een onafhankelijk voorzitter, waarvan VWS de secretarisrol zal vervullen. 
De kerngroep zal bestaan uit max. 10 personen, het is de bedoeling dat de kerngroep andere relevante stakeholders regelmatig informeert.


Surveillance
Naast de korte termijn acties die in de voortgangsbrief zijn genoemd en die het RIVM uitwerkt , hebben we de beleidskeuzes in kaart gebracht en onze inzet bepaald over een landelijk geïntegreerd surveillancesysteem. Vanuit het oogpunt van de haalbaarheid, proportionaliteit en de kosten van een dergelijk systeem hebben wij gekozen voor een alternatief, minder geïntegreerd systeem. We gaan daarbij niet uit van een complete nieuwbouw, maar van een verbetering en uitbouw van de bestaande systemen. Dat betekent overigens dat we het grootste deel van het advies uit het concept ontwerp surveillance overnemen. Dat werken we uit in het in de voortgangsbrief aangekondigde werkplan. Daarnaast houden wij rekening met eventuele vervolgvragen van de pilotregio’s. We zullen onze inzet in de “group decision room” toetsen bij de meest betrokken partijen. Het idee is dat ook voor surveillance, op eenzelfde wijze als bij de zorgnetwerken, gewerkt gaat worden met een kerngroep.


Bekostiging

In juni van dit jaar is de werkgroep bekostiging gestart. Deze werkgroep brengt de knelpunten in de bekostiging in kaart voor de onderwerpen infectiepreventie, diagnostiek en de zorgnetwerken in relatie tot het vraagstuk van de antibioticaresistentie. De werkgroep levert naar verwachting begin december haar advies op aan VWS. Op dat moment wordt bezien welk vervolg hierop nodig is.


Voor de diverse gremia die hierboven worden genoemd, kijken we nog naar de exacte samenstelling. We komen daar begin volgend jaar bij u op terug. 

Tot slot wil ik u en uw medewerkers nogmaals bedanken voor de betrokkenheid en ik kijk uit naar de volgende stappen die we gaan zetten.


Met vriendelijke groet,


Angelique Berg


Contactpersoon:
Carola van den Brink
c.brink@minvws.nl